Warmteontwikkeling

(Evolution of heat / heat development)

Bij de chemische reactie tussen cement en water komt warmte vrij, waardoor de temperatuur van verhardend beton kan stijgen

Nadere omschrijving

De hoeveelheid vrijkomende warmte en de snelheid waarmee deze vrijkomt, verschilt per cementsoort en is niet alleen afhankelijk van de cementsamenstelling en de fijnheid, maar ook van de water-cementfactor van het betreffende betonmengsel. De hydratatiewarmte van cement kan zowel worden bepaald bij constante temperatuur (NEN-EN 196-8) als onder (semi-) adiabatische omstandigheden (NEN-EN 196-9).

Met de warmteontwikkeling van het cement kan in theorie ook de adiabatische temperatuurontwikkeling ΔTh(t) van beton worden berekend. Bedenk hierbij dat de specifieke warmte van beton afhankelijk is van de betonsamenstelling (watergehalte, eigenschappen toeslagmateriaal , enz.) en ook andere variabelen vaak niet voldoende nauwkeurig bekend zijn.

De volgende formule wordt gebruikt:

                  C • ΔQh(t)

ΔTh(t) =     __________

                     c • ρ

waarin:

ΔTh(t) = adiabatische temperatuurverhoging beton op tijdstip t

C = cementhoeveelheid per m beton (kg/m³)

ΔQh(t) = hydratatiewarmte op tijdstip t (kJ/kg)

c = specifieke warmte van het beton [kJ/(kg∙ K)]

ρ = volumieke massa van het beton (kg/ m³)

Richtwaarden hydratatiewarmte van enkele veel gebruikte cementen in Nederland

CEM I 52,5R : 350 J/g

CEM II/B-V 32,5 R : 275 J/g

CEM III/B 42,5 N : 245 J/g

CEM III/A 52,5 N : 315 J/g

Normen/aanbevelingen/literatuur